Wij gebruiken cookies
Wij maken gebruik van cookies en andere tracking-technologieën om uw surfervaring op onze website te verbeteren, om gepersonaliseerde inhoud en advertenties te tonen, om ons websiteverkeer te analyseren en om te begrijpen waar onze bezoekers vandaan komen.
Komende woensdag is het zover. Dan laten de Amerikanen de rest van de wereld weten wat er precies gebeurt op het gebied van de invoerheffingen. Het lijkt erop dat er forse meningsverschillen zijn binnen het 'team-Trump'. De president deinst er niet voor terug allerlei agressieve aankondigingen te doen die vervolgens weer worden afgezwakt. We zullen zien.
Ondertussen wijzen diverse indicatoren erop dat de Europese economie begonnen is aan een groeiversnelling. Er wordt tegenwoordig niet meer zo veel naar puur monetaire ontwikkelingen gekeken door economen, maar ik ben old school en kijk er wel naar. De groei van de geldhoeveelheid versnelt al een poosje, zij het van een zeer laag niveau. Old school-economen als ik kijken graag naar de geldhoeveelheid M1 als conjunctuurindicator. In februari was die 3,8% hoger dan een jaar eerder, het hoogste groeipercentage sinds september 2022. Ook de groei van het bredere aggregaat M3 is toegenomen. En de groei van de kredietverlening versnelt ook iets, al is die nog bepaald bescheiden.
In veel Europese landen verbetert ook het ondernemersvertrouwen. De Duitse Ifo-index, bijvoorbeeld, steeg van 85,3 in februari tot 86,7 in maart. Dat is best een behoorlijke sprong. Die verbetering was vooral te danken aan de verwachtingen van ondernemers en minder aan hun beoordeling van de huidige situatie. De cijferreeks voor de verwachtingen steeg van 85,6 in februari naar 87,7. Het onderstaande plaatje maakt overigens duidelijk dat het huidige niveau in historisch perspectief nog bepaald niet hoog is, maar dat betekent waarschijnlijk dat er voldoende ruimte is om verder door te stijgen.
De voorlopige cijfers over de inkoopmanagersindices bevestigen dat beeld. De PMI voor de eurozone als geheel voor de verwerkende industrie verbeterde van 47,6 in februari naar 48,7 in maart. Dat houdt nog niet over, een getal onder 50 suggereert krimp, maar het is wel duidelijk beter dan ergens de marge tussen 40 en 45 waarin deze indicator zich lang heeft bewogen.
Extra overheidsuitgaven
Een belangrijke factor in het verbeterende ondernemersvertrouwen is het voornemen van Europese regeringen om de uitgaven op te schroeven. Dat geldt vooral voor defensie en in Duitsland ook voor investeringen in de infrastructuur. In hoeverre hiermee de structurele problemen van de Europese en vooral de Duitse economie worden geadresseerd lijkt mij de vraag, maar forse additionele overheidsuitgaven waarvoor niet direct elders op de begroting ruimte wordt gevonden geeft de conjunctuur zeker een impuls. Ook los van de nieuwe plannen leek de Europese economie een lichte conjuncturele verbetering tegemoet te gaan. Om de verbetering van het ondernemersvertrouwen vast te houden, is het wel van belang dat die overheden binnen afzienbare tijd over de brug komen.
De aanstaande importheffingen van de Amerikanen compliceren het beeld. Pierre Wunsch, de Klaas Knot van België, gaf dat terecht aan deze week in een interview met CNBC. De invoerheffingen drukken de groei en duwen de inflatie juist omhoog. Voor de centrale banken is dat lastig. De lagere groei pleit voor verdere renteverlagingen, de hogere inflatie juist niet. Aangezien we weinig ervaring hebben met zulke stevige handelsbelemmeringen is het moeilijk te voorspellen wat de effecten precies zullen zijn. De opwaartse druk op de inflatie moet in principe tijdelijk zijn. Bovendien kan die opwaartse prijsdruk worden gecompenseerd door schommelingen van de wisselkoers en doordat producenten hun winstmarges inkrimpen. Het effect op de economische groei is moeilijker te compenseren. Maar juist daar bieden de hogere overheidsbestedingen in Europa op korte termijn tegenwicht.
Wunsch, die bekend staat als een van de haviken binnen het ECB-beleidscomité, concludeert daaruit dat de ECB bij de volgende rentevergadering op 17 april zou moeten bespreken of er een pauze dient te worden ingelast in het proces van renteverlagingen. Hoewel Wunsch eraan toevoegde dat hij niet pleit voor een pauze, lijkt mij die wel verstandig. Het einde van het proces van renteverlagingen komt sowieso dichterbij omdat de officiële rente van de ECB inmiddels redelijk dicht in de buurt van de 'neutrale' rente ligt. In een recente speech gebruikte ECB-bestuurder Isabel Schnabel onlangs het onderstaande plaatje over de invloed van de rente op de vraag naar krediet door bedrijven. Volgens de laatste Bank Lending Survey, over 2024 Q4, zeggen 90% van de ondervraagde banken dat de toenmalige rentestand geen invloed had op de kredietvraag. Twee jaar eerder was dat ruim 50%. Het suggereert dan de rente inmiddels dicht bij 'neutraal' is, dat wil zeggen dat van de rentestand geen stimulerende en evenmin restrictieve invloed uitgaat op de kredietvraag.
FOTO3
Overigens daalde in de VS het vertrouwen van de inkoopmanagers in de industrie juist in maart. De index ging van 52,7 in februari naar 49,8 in maart. De volgende grafiek laat zien dat het verschil tussen de vertrouwensindices in de VS en de eurozone in maart is teruggevallen naar het laagste niveau in twee jaar tijd. Kennelijk staat de Amerikaanse industrie ook niet te juichen bij het instellen van diverse importheffingen. Ze zijn dus zelfs nog negatiever over die heffingen dan Europese bedrijven. Ook beleggers in Amerikaanse aandelen zijn er bepaald niet dol op. Je vraagt je af of zulke reacties Trump op andere gedachten kunnen brengen.
FOTO4
Trouwens, Amerikaanse consumenten zijn evenmin enthousiast over importheffingen. Deze week bleek het consumentenvertrouwen volgens de reeks van de Conference Board in maart behoorlijk te zijn verslechterd. De index daalde van 100,1 in februari naar 92,9 in maart. Dat is een forse tik voor één maand, maar historisch zeker niet exceptioneel.
FOTO5
Wie iets langer kijkt, ziet dat het consumentenvertrouwen sinds de herverkiezing van Trump gestaag is gedaald. Sinds november is deze vertrouwensindex met bijna 20 punten gedaald. In het volgende plaatje heb ik die daling in historisch perspectief gezet. Wat dan opvalt, is dat een dergelijke daling bepaald ongebruikelijk is en dat die zich in het verleden slechts voordeed rond recessies. Als ik Trump was, zou ik me daar wel wat van aantrekken. Maar ja, ik ben Trump niet…
FOTO6
Dat wil overigens niet zeggen dat het ronduit slecht gaat met de Amerikaanse economie. De cijfers uit het volgende plaatje komen ook uit de enquête van de Conference Board naar het consumentenvertrouwen. De banen liggen inmiddels wat minder voor het opscheppen dan de laatste drie jaar, maar ze zijn nog makkelijk genoeg te vinden in historisch perspectief.
FOTO7
Dat de Nederlandse economie in het vierde kwartaal vorig jaar is gegroeid met 0,4% wisten we al. Het CBS paste dit cijfer bij de eerste herziening niet aan. Voor het jaar als geheel komt de groei uit op 1,0%. Dat is niet geweldig, maar ook niet slecht. De potentiële groei ligt waarschijnlijk slechts iets boven 1%.
Van de samenstelling werd ik minder enthousiast. In het persbericht schrijft het CBS dat de groei in het vierde kwartaal vooral werd gedragen door de buitenlandse handel en de investeringen. Als ik naar de cijfers voor het jaar als geheel kijk, concludeer ik dat vooral de overheid heeft bijgedragen aan de economische groei. De overheidsconsumptie nam in 2024 in volume toe met 3,6% ten opzichte van 2023. Het volume van de consumptie van huishoudens steeg slechts met 1,2%.
Ook opmerkelijk aan de cijfers was dat het interen op voorraden de groei met 0,7% drukte. Dat was in 2023 ook al zo. In zeven van de laatste acht kwartalen drukte voorraadintering de economische groei. Nu worden deze cijfers ver na de eerste publicatie soms behoorlijk aangepast, dus voorzichtigheid is geboden wat betreft duiding, maar je zou toch zeggen dat bedrijven niet eeuwig door kunnen gaan met het interen op voorraden. Als dit proces stopt en misschien omkeert, dan geeft de voorraadopbouw de conjunctuur een impuls.
Het CBS meldde deze week ook dat het financieringstekort van de overheid in 2024 is uitgekomen op ruim €12 miljard, ofwel 1,1% van het bbp. In het recent verschenen Centraal Economische Plan raamde het CPB nog een tekort van 0,6% bbp. Dat laat zien dat het tekort in het vierde kwartaal fors was: €7,8 miljard. Dit is interessant omdat er juist een discussie gaande is waarom de overheidsfinanciën de laatste jaren structureel beter uitpakken dan door het CPB en het ministerie van Financiën worden geraamd. Ik weet wel hoe het bij een bank aan toegaat. Als de cijfers wat beter uit lijken te vallen dan je wenst, zoek je nog wat negatieve cijfers bij elkaar. Op Financiën zijn ze daar natuurlijk te integer voor, maar een bankbestuur had de ambtenaren vast opdracht gegeven om te kijken of er met inkomsten en uitgaven niet wat zou kunnen worden geschoven om de cijfers wat slechter te laten uitvallen zodat die kritiek op structureel te pessimistische ramingen wellicht wat verstomt.
Hmmm…
Ook hier zie ik trends die mij niet bevallen. De overheidsuitgaven namen in 2024 met maar liefst 8% toe. Als percentage bbp zelfs van 42,1% in 2023 naar 44,1% in 2024. In vijf jaar tijd zijn de overheidsuitgaven met 43% toegenomen. Voordat alle alarmbellen gaan rinkelen, voeg ik daar direct aan toe dat ons nominale bbp over die periode met 36,7% toenam. Het komt erop neer dat de overheidsuitgaven de afgelopen vijf jaar gemiddeld elk jaar stegen met 7,5%, tegen het nominale bbp met 6,4% jaarlijks. Zo klinken de cijfers wellicht minder alarmistisch, maar zo'n trend lijkt mij toch gewoon niet gezond. Wie doet er wat aan? En wat?
Overigens is onze overheidsschuld in internationaal perspectief laag. In percentage bbp liep die in 2024 terug tot 43,3%van 45,2 in 2023. Als je ook nog rekening houdt met latente belastinginkomsten in onze pensioenpotten (iets dat andere landen niet of veel minder hebben), dan is de overheidsschuld nog een stuk lager.
Afsluitend
De Europese economie lijkt bezig te zijn aan enig conjunctureel herstel. Geplande hogere overheidsuitgaven voor defensie en in Duitsland investeringen in de infrastructuur zullen dat herstel een verdere impuls geven. Daar staat dan weer tegenover dat de handelsbelemmeringen die de Amerikanen de komende week aankondigen juist weer een spaak in het wiel kunnen steken. Hoe dat alles uiteindelijk uitpakt, is moeilijk te voorspellen.
De handelsbelemmerende voornemens van Trump c.s. zijn in mijn optiek onverstandig. Ik ben niet de enig die dat denkt. Eigenlijk alle economen die ik ken, zijn die mening toegedaan. Belangrijker wellicht is dat spelers op de Amerikaanse financiële markten er ook niet enthousiast over zijn, evenals Amerikaanse consumenten en producenten. Laat Trump zich daardoor beïnvloeden?
De Nederlandse economie is vorig jaar per saldo licht gegroeid. Vooral de overheidsconsumptie dreef de groei, terwijl intering op voorraden door bedrijven een stevige negatieve impuls opleverde. Dat laatst kan niet onbeperkt doorgaan. Als het stopt, stopt ook de negatieve groei-impuls.
Onze overheidsfinanciën staan er best goed voor, maar toch tekende zich in het laatste kwartaal vorig jaar een duidelijke verslechtering af. Van het totale tekort van €12,4 miljard in 2024 werd €7,8 miljard in het laatste kwartaal geboekt.
© DCA Market Intelligence. Op deze marktinformatie berust auteursrecht. Het is niet toegestaan de inhoud te vermenigvuldigen, distribueren, verspreiden of tegen vergoeding beschikbaar te stellen aan derden, in welke vorm dan ook, zonder de uitdrukkelijke, schriftelijke, toestemming van DCA Market Intelligence.