Wij gebruiken cookies
Wij maken gebruik van cookies en andere tracking-technologieën om uw surfervaring op onze website te verbeteren, om gepersonaliseerde inhoud en advertenties te tonen, om ons websiteverkeer te analyseren en om te begrijpen waar onze bezoekers vandaan komen.
Algerije, een grote importeur van melkpoeder uit Europa, Nieuw-Zeeland en Belarus, breidt het aanbod van goedkope melk van eigen bodem in rap tempo uit. De laatste stap op in dit traject is de opening van een nieuwe fabriek met een capaciteit van 1,4 miljoen liter melk per dag.
De fabriek staat in Rouïba in het oosten van het land. De fabriek is eigendom van de Giplait-groep, die in Algerije al vijftien fabrieken bezit. De melk die de groep produceert, wordt echter niet tegen een vrije prijs op de markt gebracht. Een belangrijk deel van de productie bestaat uit 1 liter-pakken gepasteuriseerde melk die voor een vaste prijs van 25 dinar (omgerekend bijna 18 cent) worden verkocht aan gezinnen met een heel laag en/of geen vast inkomen.
Het verschil tussen de productiekosten en de verkoopprijs wordt betaald door de staat. De Algerijnse subsidieert veel basisbehoeften op gebied van voedsel voor de sterk groeiende bevolking. De overheid streeft er wel naar om voor de voedselvoorziening meer te leunen op eigen productie en minder in te kopen in het buitenland.
Een ander initiatief van de Algerijnse overheid was de opzet van een mega-farm voor 270.000 melkkoeien in het zuiden van het land in samenwerking met de Qatarese Baladna Group. Een groot deel van de productie van deze boerderij is ook bestemd voor de productie van 25 dinar-melk.
Tot nog toe organiseert Algerije regelmatig tenders voor de import van melkpoeder, waar exporteurs vanuit de hele wereld op kunnen inschrijven. Soms zijn er meerdere tenders per maand. Alles om de eigen bevolking te kunnen voeden en de sociale rust in het land te bewaren.