De verduurzaming in de Belgisch melkveehouderij krijgt steeds meer vaart. Zo'n 96% van alle Belgische melkveehouders neemt vrijwillig deel aan de Duurzaamheidsmonitor. Ook worden per melkveebedrijf gemiddeld twintig bovenwettelijke duurzaamheidsinitiatieven toegepast.
Dit meldt de Belgische brancheorganisatie MilkBE. Er valt ook uit steeds meer maatregelen te kiezen. Momenteel zijn dat er 42. Tot de populairste maatregelen behoren: eigen energie-opwekking, de plaatsing van een koeborstel in de stal, gebruik van alternatieve waterbronnen en het vervoederen van nevenproducten uit de voedingsindustrie. Voor de laatste optie kiest 61% van de Belgische melkveehouders. Zo'n 60% heeft een koeborstel geïnstalleerd. Iets meer dan de helft van de veehouders tapt uit alternatieve waterbronnen en bijna 40% produceert zelf minstens 4.000 kWh per jaar aan duurzame energie via zonnepanelen, microvergisters of windmolens.
Verbreding monitor
De CO2-voetafdruk van rauwe melk is in de voorbije twintig jaar bovendien met 30% gedaald tot ongeveer 0,93 kg CO2-equivalent per kilo rauwe melk. MilkBE wil met name de Duurzaamheidsmonitor verder inzetten om individuele melkveehouders en zuivelverwerkers aan te sporen om hun prestaties verder te verbeteren ten opzichte van het nationale gemiddelde. Intussen worden gewerkt aan een stevige uitbreiding en digitalisering van de Duurzaamheidsmonitor, met daarin meer aandacht voor onder meer methaanreducerende maatregelen en dierenwelzijn.
Verwerkers dragen steentje bij
De zuivelverwerkers dragen ook hun steentje bij. Zo zijn het brandstofverbruik en de emissie van schadelijke uitlaatgassen sterk beperkt. Binnen de melkverwerking zelf is de CO2-uitstoot met 30% verlaagd sinds 2011. Ook zijn het energie- en waterverbruik met achtereenvolgens 24 en 34% per liter verwerkte teruggedrongen. Daarnaast steeds meer ingezet op waterhergebruik en komt ongeveer 35% van het gebruikte water uit alternatieve bronnen zoals opgezuiverd afvalwater, opvang condensaat na verpoedering melk of regenwater.